Dinsdag 21 augustus 2012
Gagelweg 7, 4651VL Steenbergen
Ontvang updates voor Kruislandse polders
Per brief van 21 maart 2012 hebben wij u kenbaar gemaakt dat wij van plan zijn uw omgevingsvergunning, onderdeel milieu, gedeeltelijk in te trekken. via deze brief treft u ons ontwerp-besluit aan waarin wij aangeven dat wij voornemens zijn de vergunning in te trekken omdat er gedurende 3 jaar geen varkens binnen de inrichting zijn gehouden. tegen dit voornemen bestaat de mogelijkheid tot het indienen van een zienswijze. onze overwegingen en besluit treft u verderop in deze brief aan. beslissingburgemeester en wethouders van steenbergen besluiten, gelet op de wabo en de algemene wet bestuursrecht, de op 27 januari 1994 verleende vergunning aan v.o.f. a. en m. huijsmans voor een melkrundvee- en varkenshouderij aan gagelweg 7 te steenbergen, conform artikel 2.33, lid 1, onder a, van de wabo gedeeltelijk in te trekken voor het houden van 27 kraamzeugen, 62 guste- en dragende zeugen, 320 gespeende biggen en 394 vleesvarkens. overwegingende inrichting is gelegen in het buitengebied van steenbergen. het verkeer van en naar de inrichting rijdt over de gagelweg. de inrichting omvat een melkrundvee- en varkenshouderij met stallen voor het houden van 53 melk- en kalfkoeien, 40 stuks vrouwelijk jongvee, 8 vleesstierkalveren tot 8 maanden, 16 vleesstieren van 8 tot 24 maanden, 320 gespeende biggen, 27 kraamzeugen, 62 guste- en dragende zeugen en 394 vleesvarkens. ook zijn een spoelplaats/mestvaalt, (sleuf)silo's, werkplaats/werktuigenloods, een voerhok, een melklokaal en een opslaggebouw aanwezig. voor de bedrijfsactiviteiten worden verder (diesel)olie, voer, meststoffen en (gevaarlijke) afvalstoffen opgeslagen. vergunningsituatieop 27 januari 1994 is een revisievergunning op grond van de wet milieubeheer (hierna genoemd wm) verleend voor een rundvee- en varkenshouderij met bijbehorende activiteiten. op 1 augustus 1997 is een melding op grond van artikel 8.19 wm ingediend voor een aanpassing in de melkrundveestal. op 1 mei 2003 zijn wij nogmaals akkoord gegaan met een melding op grond van artikel 8.19 wm. deze melding heeft betrekking op het gebruiken van een deel van de mestvaalt als spoelplaats. het spoelwater wordt afgevoerd naar de mestopslag in stal 5. op 1 oktober 2010 is de wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna genoemd wabo) en het bijbehorende besluit omgevingsrecht (hierna genoemd bor) en de ministeriële regeling omgevingsrecht (hierna genoemd mor) in werking getreden. de vergunning wordt per 1 oktober 2010 op grond van het overgangsrecht in de invoeringswet wabo aangemerkt als een omgevingsvergunning. dit geldt ook voor de gemelde veranderingen. de vergunningen hebben betrekking op het houden van 53 melk- en kalfkoeien, 40 stuks vrouwelijk jongvee, 8 vleesstierkalveren tot 8 maanden, 16 vleesstieren van 8 tot 24 maanden, 27 kraamzeugen, 62 guste- en dragende zeugen en 394 vleesvarkens. op grond van geldende jurisprudentie bedraagt het aantal gespeende biggen (3,6 x 89 =) 320 stuks. op 10 juni 1996 hebben wij een melding op grond van het besluit opslag propaan milieubeheer, nu besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer, ontvangen voor het plaatsen van een propaanreservoir. vergunningplicht en bevoegd gezagde inrichting behoort tot onder andere categorie 8.1, onder a, ‘inrichtingen voor het kweken, fokken, mesten, houden, verhandelen, verladen of wegen van dieren’ van bijlage i, onderdeel c, behorende bij het bor. de inrichting valt onder de werkingssfeer van de wm en de wabo. de inrichting is vergunningplichtig, omdat deze als zodanig is aangewezen in bijlage i, onderdeel b en onderdeel c, van het bor. de gemeente steenbergen is bevoegd gezag voor deze inrichting (categorie 8 van bijlage i, onderdeel c, van het bor). ippc-richtlijneen gpbv-installatie is een installatie als bedoeld in bijlage 1 van de eg-richtlijn geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging (ippc-richtlijn). op grond van categorie 6.6 van bijlage 1 van deze richtlijn is sprake van een gpbv-installatie bij intensieve varkens- en pluimveehouderijen met meer dan 40.000 plaatsen voor pluimvee, 2.000 plaatsen voor mestvarkens (> 30 kg) of 750 plaatsen voor zeugen. de vergunning heeft betrekking op het houden van 89 zeugen en 394 vleesvarkens. de drempelwaarden voor het aantal stuks zeugen en vleesvarkens (mestvarkens) worden dus niet overschreden. de ippc-richtlijn is daarom niet op de inrichting van toepassing. beoordelingskaderop grond van artikel 2.33, lid 2, onder a, van de wabo kunnen wij een omgevingsvergunning geheel of gedeeltelijk intrekken als gedurende drie jaren geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning. het intrekken van de vergunningtijdens een op 22 mei 2008 gehouden milieucontrole is geconstateerd dat binnen de inrichting 65-70 melkkoeien en 45 stuks vrouwelijk jongvee aanwezig waren. uit een op 2 januari 2012 ingekomen melding op grond van het besluit landbouw milieubeheer blijkt dat er ten opzichte van het tijdens de controle geconstateerde aantal dieren geen wijzigingen zijn doorgevoerd. vanaf mei 2008 zijn er dus geen fokzeugen en vleesvarkens meer binnen de inrichting gehouden. zoals onder het kopje "beoordelingskader" al is aangegeven kunnen wij de vergunning op grond artikel 2.33, lid 2, onder a intrekken als gedurende drie jaren geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning. zoals uit het bovenstaande blijkt zijn er gedurende meer dan drie jaar geen fokzeugen en vleesvarkens in de inrichting gehouden. daarom trekken wij de vergunning voor dit gedeelte in. conclusiehet voorgaande geeft ons aanleiding om de op 27 januari 1994 onder nummer 932018 voor de activiteit milieu verleende omgevingsvergunning gedeeltelijk in te trekken voor het houden van in totaal 320 gespeende biggen, 27 kraamzeugen, 62 guste- en dragende zeugen en 394 vleesvarkens. overige aspecteneerder verleende vergunningde omgevingsvergunningen van 27 januari 1994, 1 augustus 1997 en 1 mei 2003 blijven normaliter van kracht voor het resterende gedeelte van de inrichting bij het onherroepelijk worden van dit besluit. dit resterende gedeelte valt echter volledig onder de werkingssfeer van het besluit landbouw milieubeheer. de inrichting is daardoor niet langer vergunningplichtig. daarom komen de vergunningen van rechtswege te vervallen. het bedrijf dient te voldoen aan de voorschriften uit het besluit. procedureop het intrekken van een vergunning is het bepaalde in afdeling 3.4 van de algemene wet bestuursrecht (hierna genoemd awb) en het bepaalde in artikel 3.10 en 3.15 van de wabo van toepassing. zienswijzenbinnen de termijn van ter inzagelegging kan eenieder schriftelijk zijn zienswijze kenbaar maken bij het college van burgemeester en wethouders. tevens is het mogelijk, voor eenieder, mondeling zijn zienswijze kenbaar te maken bij de afdeling publiekszaken. na afloop van de termijn voor het indienen van zienswijzen kan de aanvraag en eventuele andere betreffende stukken tot het einde van de termijn, waarbinnen beroep kan worden ingesteld tegen het besluit op de aanvraag, worden ingezien op de afdeling publiekszaken. daar kan ook een mondelinge toelichting op de stukken worden verkregen (0167) 543426. publicatiehet concept van de omgevingsvergunning publiceren wij op de gemeentelijke website, www-gemeente-steenbergen.nl, onder bekendmakingen. tot slotheeft u nog vragen? neem dan gerust contact met mevrouw a.c. ferket-van ooi. u kunt haar van dinsdag tot en met vrijdag bereiken via telefoonnummer 0167-54 34 26.
De betreffende lokatie ligt in de wijk Kruisland in de buurt Kruislandse polders. De betrokken overheidsinstantie is Gemeente Steenbergen en is gevestigd op Buiten de Veste te Steenbergen Nb.
Bekijk alle bekendmakingen in Kruislandse polders