Woensdag 4 februari 2026 20:00 uur
Amsterdam
Ontvang updates voor Amsterdam
De roep om fietsen fiscaal aantrekkelijker te maken voor werknemers klinkt steeds luider. Werkgeversverenigingen, waaronder de Coalitie Anders Reizen, vinden dat de overheid meer kan doen om woon-werkverkeer per fiets te stimuleren. Niet alleen om files en uitstoot te verminderen, maar ook om steden leefbaar en bereikbaar te houden. In een land waar de fiets diep in de cultuur verankerd is, lijkt die oproep logisch. Maar internationaal gezien is Nederland allesbehalve vanzelfsprekend.
Waarom de fiets nu nog een bijzaak is
De Coalitie Anders Reizen vindt het vreemd: een werkgever kan het gebruik van de auto fiscaal net zo makkelijk stimuleren als de fiets. De onbelaste kilometervergoeding is voor beide gelijk, terwijl de maatschappelijke voordelen flink verschillen.
Meer fietsers betekent minder files, schonere lucht en gezondere werknemers. Logisch toch? Toch blijft de fiets in veel arbeidsvoorwaarden ondergeschikt. Werkgevers die hun medewerkers een fiets willen aanbieden, lopen al snel tegen complexe regels aan. Via de werkkostenregeling kan het wel, maar een fiets moet dan concurreren met andere voorzieningen, zoals een kerstpakket of sportabonnement. Gaat een werkgever over het plafond? Dan volgt een forse belastingheffing.
Geld werkt blijkbaar wel
Bij grote bedrijven is gebleken dat financiële prikkels daadwerkelijk effect hebben. Toen sommige werkgevers de kilometervergoeding voor fietsers verhoogden, stapten werknemers vrijwel direct vaker op de fiets. Gedrag wordt blijkbaar niet alleen bepaald door goede bedoelingen, maar ook door financiële prikkels.
Een hogere vergoeding of een gerichte vrijstelling voor fietsen zou volgens werkgevers een relatief simpele maatregel zijn die een groot effect kan hebben. En niet alleen voor grote organisaties. Juist ook voor kleinere bedrijven, die nu vaak afhaken vanwege de administratieve rompslomp.
Nederland als fietsland
Nederland staat internationaal bekend als hét fietsland. Fietspaden zijn veilig, uitgebreid en logisch aangelegd. In veel steden ben je op de fiets vaak sneller dan met de auto. Dat maakt het verleidelijk om te denken dat Nederland hierin uniek is en altijd voorop zal blijven lopen.
Maar die positie is niet vanzelfsprekend. Wat opvalt, is dat steden wereldwijd de fiets opnieuw ontdekken. Niet alleen als milieumaatregel, maar vooral als praktisch middel om een stad prettiger en toegankelijker te maken. Minder drukte, meer beweging en een aantrekkelijker straatbeeld spelen daarbij een grote rol.
Internationale voorbeelden
Die spanning tussen logica en praktijk zie je ook terug in steden wereldwijd. Over de hele wereld investeren steden ineens in fietspaden en voorzieningen voor fietsers. Dat gebeurt niet altijd uit idealisme. In veel gevallen is het een nuchtere keuze: fietsen zorgt voor minder drukte, een gezondere bevolking en een stad die aantrekkelijker is voor bewoners én bezoekers.
Niet alleen bekende fietssteden als Amsterdam en Kopenhagen lopen daarin voorop. Juist steden met een compleet ander plaatje zetten nu stappen. Las Vegas is daar een goed voorbeeld van. Een stad die decennialang draaide om auto’s, beleving en entertainment, waar bezoekers zich verplaatsen tussen hotels, shows en iconische trekpleisters zoals Vegas-slots. Toch investeert de stad de laatste jaren steeds meer in fietspaden en alternatieve vervoersvormen.
Het doel is duidelijk: het leven buiten de beroemde Strip aantrekkelijker maken. Fietsen wordt langzaam een serieus alternatief voor bewoners én voor bezoekers die Las Vegas op een andere manier willen ervaren dan uitsluitend van casino naar casino. Het contrast met Nederland is groot. Hier is de fiets al generaties lang onderdeel van het dagelijks ritme: naar werk, naar school. Terwijl andere steden nog zoeken naar de juiste aanpak, heeft Nederland die infrastructuur en fietscultuur al lang verankerd.
Voordelen én aandachtspunten
Het stimuleren van fietsen heeft duidelijke voordelen, maar vraagt ook om aandacht voor randvoorwaarden. Niet iedereen woont op fietsafstand en niet elke route is even veilig. Investeringen in infrastructuur blijven daarom cruciaal. Ook combinaties met openbaar vervoer spelen een rol, bijvoorbeeld via goede stallingen bij stations.
Dan is er het vraagstuk van gelijkheid. Wie een elektrische fiets kan betalen, heeft een grotere actieradius dan iemand zonder. Juist daarom pleiten werkgevers voor fiscale regelingen die fietsen toegankelijker maken voor iedereen, ongeacht inkomen.
Wat kan de overheid doen?
Werkgevers geven aan bereid te zijn hun verantwoordelijkheid te nemen, maar lopen tegen grenzen aan. Wet- en regelgeving bepalen wat mogelijk is. Volgens de Coalitie Anders Reizen kan de overheid helpen door fietsen expliciet te bevoordelen ten opzichte van meer vervuilende alternatieven.
Een vrijstelling voor fietsen, een hogere kilometervergoeding of eenvoudigere regels kunnen al voldoende zijn om gedrag te veranderen.
Bekijk al het lokale nieuws van Amsterdam